Een huwelijk op één april: die datum vraagt om een grap. Bij het welkomstwoord had ik aan het bruidspaar gevraagd: “En, hebben jullie gasten al een één april mop met jullie uitgehaald?” “Nee”, was het duidelijke antwoord. (Een gewaarschuwd mens telt voor twee, zegt tenslotte het spreekwoord). Van de trouwakte had ik een kopie gemaakt, de bode was op de hoogte en na de twee handtekeningen van het bruidspaar pakte ik de akte en zei ik tegen hem: “Maar Matthijs, die handtekeningen horen toch niet ónder elkaar maar náást elkaar (onzin natuurlijk maar wist het bruidspaar veel…). Ik pakte de akte en scheurde hem voor de ogen van het bruidspaar in tweeën! Iedereen was met stomheid gelagen, werkelijk niemand zei direct: “Ha ha, 1 april!” Na enkele seconden, waarbij de bruidegom half opstond en alleen maar: “Oh, oh, oh” stamelde, heb ík toen die woorden maar uitgesproken: “Ha ha, één april!!” Hilariteit alom en na afloop hoorde ik een oom van het bruidspaar zeggen: (met Katwijks accent): “Wè, dat dat wijffie dat durfde!”